
Rosanne Bredenoort werkt in de gehandicaptenzorg met licht verstandelijk beperkte mensen met bijkomende problematieken, persoonlijkheidsstoornissen of verslavingsproblematieken. Zij is Provocatief Coach Level 2 en vertelt over hoe zij Provocatief Coacht en wat haar visie daarop is.
Leuk Rosanne om je te spreken! Wanneer ben jij met Provocatief Coachen begonnen en wat deed je toen voor werk?
Ik ben 4 jaar geleden met de opleiding gestart. Ik werk in de gehandicaptenzorg met licht verstandelijk beperkte mensen met bijkomende problematieken, persoonlijkheidsstoornissen of verslavingsproblematieken. Tijdens mijn studie heb ik een boek gelezen van Jeffrey Wijnberg, ‘de lachende therapeut’ en ik weet nog dat ik toen heel erg onder de indruk was van de manier van coachen. Maar dat boek is op zolder beland. Misschien wel 15 jaar later was ik mijn zolder aan het opruimen en vond ik dat boek weer. Ik ben het boek weer gaan lezen en dacht is steeds ‘Jeetje maar dit doe ik: confronteren zonder de cliënt kwijt te raken, vanuit verbinding’. En dan wil je natuurlijk les van de grootmeesters van het provocatief coachen. Vandaar dat ik bij het IEP terechtkwam.
Provocatief coachen in de gehandicaptenzorg hoor ik niet vaak. Hoe zie jij dat?
Het komt niet veel voor, het provocatief coachen, maar het is een hele mooie tool, want juist hier zit een doelgroep die behandeling moe is. Daar is veel winst te behalen. Dit is een doelgroep die licht verstandelijk beperkt is, maar op een ander gebied superintelligent. Dus ze weten precies op welke knopjes ze moeten drukken en wat ze moeten zeggen om behandelaren te bespelen. Als je ze uit die routine haalt en bijvoorbeeld net iets anders zegt dan raken zij een soort van in de war en komen ze echt uit het patroon.
Kwam je met een vraag binnen toen je de opleiding begon? Wat met name wilde je leren?
Ik ben helemaal blanco de opleiding ingestapt. Ik dacht alleen maar van, ‘nou ja, we gaan het zien’. Ik wist al wel dat ik dit heel erg leuk zou vinden en het heeft me nooit teleurgesteld.
Fijn. Ik ben even benieuwd, wat is voor jou provocatief coachen, want je noemt eigenlijk nu al steeds die verbinding.
In de laatste jaren is die verbinding voor mij wel erg prioriteit geworden. Zonder die verbinding kun je een grappige of prikkelende opmerking maken maar dan valt hij niet. Die verbinding/warmte is echt de basis. Provocatief coachen kent drie pijlers: warmte, uitdaging en humor, uitgebeeld in drie gelijke cirkels. Voor mij zou de pijler van de verbinding groter mogen zijn. Het is de relatie die je hebt met de cliënten. Het is als het ware het potje wat je kunt breken en de credits die je hebt dat maakt dat er speelruimte ontstaat.
Mooi gezegd. En wat is een moment uit de opleiding dat je je heel goed herinnert en wat impact heeft gemaakt?
De lesdag met Phil Jeremiah. Ik vind Jaap Hollander en Jeffrey Wijnberg fantastisch, en Phil heeft weer een compleet andere en vooral eigen stijl. Hij is van het dramatiseren en daar hou ik persoonlijk ontzettend van. Dus toen ik Phil zag werken, dacht ik ‘Wauw, dit kan dus ook nog’.
Je hebt ook het tweede jaar van de opleiding afgerond. Wat heeft dat jaar je gebracht?
Het tweede jaar van de opleiding was wel het jaar waar dingen op zijn plek vielen. Mijn zelfvertrouwen is gewoon heel erg gegroeid in dat tweede jaar, in die herhalingen en het me echt eigen maken. Dit past echt bij me en ik ben hier goed in. De technieken weet je dan al wat meer, dus dan kom je ook meer tot spel.
Wat is er veranderd in jouw begeleiding met die cliënten voordat je de opleiding deed en nu? Hoe pak je dingen anders aan?
Voor mij was het een groot stuk dat je weet waarom je dingen doet. Daardoor kan ik het veel beter inzetten of niet gebruiken op het moment dat het niet gepast is. Het is meer gerichter. Ik weet wat het effect is. Tijdens de opleiding leer je ook meer te durven en dus gewoon doen & zeggen wat je denkt.
Hoe ga je bijvoorbeeld om met lastige cliënten? Kun je een voorbeeld noemen hoe jij provocatief coachen toepast binnen jouw werk?
Lastige klanten vind ik fantastisch. Wat ik veel gebruik is het spiegelen. Bijvoorbeeld als een cliënt zegt “Nou maar ik heb het tegen die persoon gezegd“. Dan ga ik er tegenover staan en ik zeg “Heb je gezegd van ‘goh, mag ik jou wat vragen’ (Rosanne klinkt heel vriendelijk) of heb je gezegd ‘Nou hè, wat vond je daar nou van?’ (Rosanne spiegelt de meer verwijtende toon van haar cliënt). En dan kijkt de cliënt me aan en zegt, nou dat laatste. Dan geef ik ze eigenlijk de gelegenheid om zelf tot de conclusie te komen. Vaak voert boosheid de boventoon. Het effect is dan dat je als het ware het ventiel even opendraait. Dan kan die boosheid eruit. We kunnen het er even over hebben zonder dat er een waardeoordeel aan hangt en dan kun je weer terugpakken naar de orde van de dag. Door er samen om te lachen.
Zonder er een waardeoordeel aan te hangen, hoe krijg je dat voor elkaar? Want de aannames tegenwoordig vliegen over tafel.
Ik kan goed niet oordelen. Over het algemeen is mijn standaardhouding heel erg ‘je bent oké’. Ik vind misschien iets van je gedrag. Maar als persoon ben je gewoon oké. En ik geloof dat cliënten dat voelen, want dat is oprecht.
Het lijkt zo makkelijk voor jou om ook bij deze doelgroep gewoon dat provocatieve toe te passen. Hoe zie jij dat?
Dat is voor mij ook makkelijk. Omdat ik ontzettend veel plezier heb in het spelelement. Ik vind spelen met de situatie gewoon heerlijk. Ik denk dus ook niet van ‘wat een complexe situatie’. Ik denk, oh leuk, wat gaan we hiervan maken.
Als mensen zeggen ‘dit is allemaal zo moeilijk en ingewikkeld’ dan denk ik bijvoorbeeld ‘wat is deze persoon fantastisch in het manipuleren’. Dit is toch geweldig. Ik zie het potentieel van de cliënt en de complexiteit als een interessante puzzel.
Hoe werkt dat bij collega’s, pas je daar ook provocatief coachen toe?
Ik heb een teamdag georganiseerd waarin we het provocatief coachen op de kaart zetten. Het team vindt dat ontzettend leuk. Maar tegelijk blijkt dan maar weer dat provocatief coachen nog best ingewikkeld kan zijn. Het blijft dan uiteindelijk bij de provocatieve opmerkingen of een provocatief grapje. Ik denk dat mensen zich daar best in vergissen en al snel denken, oh ik maak een lollige opmerking dus ik ben lekker aan het provocatief coachen. Het blijkt dan toch wel een vak apart.
Waar zit voor jou het verschil dan in?
Provocatief coachen heeft echt onderliggende gedachtes. Een provocatieve opmerking of een provocatief grapje, dat is iets los. Pas als je er meer facetten aan toevoegt, dan wordt het provocatief coachen. Het is ook de wisselwerking tussen cliënt en coach.
En je collega’s, benader jij hen wel eens provocatief?
Ze zeggen altijd dat ik van nature provocatief ben. Maar het is niet dat ik mijn collega’s provocatief coach. Ik denk, als je veel aan het provocatief coachen bent, dat je wel op een andere manier luistert. Ik luister naar een hele andere kern dan dat de meesten luisteren.
Wat heb je over jezelf geleerd? Je zei al dat je enorm bent gegroeid in zelfvertrouwen.
Ik sta anders in mijn werk. Ik ben zelfverzekerder. Ik ben goed in wat ik doe op het provocatieve vlak. Dat zet dingen in beweging. Hoe kan ik bijvoorbeeld het provocatieve uitrollen binnen mijn werk. Dat is best ingewikkeld. Want het komt in geen enkele vacaturebank voor: provocatief coach. Je kunt er niet op solliciteren. Dus je moet een functie creëren en daar heb je ook een beetje durf en vertrouwen vanuit de organisatie voor nodig.
Als je één ding zou noemen uit de opleiding waarvan je zegt, dat doe ik dagelijks. Wat is dat dan?
Dat ik op een andere manier luister. Dat is echt wat je je eigen maakt. Daar sta ik zelf niet eens meer bij stil. Ook het doorvragen en het geen genoegen nemen met standaardantwoorden. Ik merk binnen de doelgroep waar ik mee werk, dat ik hele andere gesprekken krijg nu ik andere vragen stel. Ik neem geen genoegen met het standaardantwoord.
Wat gun je de zorg of de mensen nog?
Ik gun ze heel veel meer provocatief eigenlijk, want ik vind het een fantastisch middel!
Ik denk ook dat het heel erg bijdraagt aan werkvreugde. Het is zo heerlijk als je een beetje lucht brengt in moeilijke dingen. Zowel voor jezelf en uiteindelijk ook voor de cliënt.
Ik heb ook wel cliënten die boos worden, omdat ik plezier in mijn werk heb. Dan zeggen ze: “Maar ik vertel een serieus verhaal en jij zit hier te lachen”. En dan zeg ik: “Ik wil jou serieus nemen, maar hè, je vertelt het wel echt heel grappig, dus daar moet ik dan toch even om lachen”. Daar komt die warmte weer om de hoek. Die is voor mij echt belangrijker dan humor en uitdaging, want die komen vanzelf. Op het moment dat je de verbinding hebt, dan voel je ook dat je die opmerking of een grapje kan maken.